Campagne: Aftellen tot het Pardon

Op 20 maart 2006 werd de aftrap gegeven van de landelijke campagne ‘Aftellen tot het Pardon’.

 

Column: FRENK IS HET MEER DAN ZAT

Kunnen we Verdonk niet een jaartje of veertig de woestijn insturen?

 

Hulpverlening versus procedures

De afgelopen periode hebben een aantal van onze cliënten een verblijfsvergunning gekregen.

 

Eet een hapje mee in het Vrouwen Eetcafé

Het ASKV organiseert sinds 2005 samen met de Steungroep Vrouwen Zonder Verblijfsvergunning maandelijks het Vrouwen Eetcafé.

 

Meldpunt Asielzoekers met Psychische Problemen

Het project Meldpunt Asielzoekers met Psychische Problemen (MAPP) van het ASKV is begin 2006 van start gegaan.

 

Vreemdelingendetentie: “Ik ben het zo moe, ik ben het zo zat.”

Het lijkt doelbewust beleid om het verblijf in vreemdelingendetentie zo onaangenaam mogelijk te maken.

 

Leren zonder papieren

Sinds eind november 2005 is het Schoolfonds Leren zonder Papieren actief in Amsterdam.

 

Boeken

 

Berichten in de Marge

 

Steun het werk van het ASKV/Steunpunt Vluchtelingen

 

 

Geachte lezer,

 

Bij het verschijnen van ons nieuwsblad is het ongeveer een jaar geleden dat de tragische brand in het cellencomplex op Schiphol aan 11 migranten het leven kostte.

Onderzoeksrapport na onderzoeksrapport toont aan dat er door de overheid ernstig verwijtbare fouten gemaakt zijn. Twee ministers stapten op. Eén bleef zitten. Is er iets veranderd? Volgens ons niets: ja een brandblusser erbij en weer een nieuw calamiteitenplan…

 

Maar waar het om gaat: een humaan asielbeleid waar mensen als mensen gezien worden, waar kinderen als kinderen beschouwd worden, waar zieken als zieken verzorgd worden, waar vluchten voor je leven een recht is en asiel geven een plicht. Daar is nog niets van bereikt.

We zijn het zat dat dit gewetenloze minderheidsbewind mensen s nachts oppakt, ze deporteert naar bajesboten en vervolgens op straat dondert of het land uitzet.

Daarom blijven wij onze initiatieven ontplooien. Wel procedures starten, wel onderdak geven, wel schoolgeld betalen, eten verzorgen en mensen blijven informeren door middel van onze campagnes, website en natuurlijk ons nieuwsblad Ruimte in de Marge.

 

De campagne Aftellen tot het Pardon loopt op zijn einde. Binnenkort zijn de verkiezingen. Wat zal het worden? Breng alvast uw stem uit op de manifestatie voor een generaal pardon op 4 november op het Plein in Den Haag.

 

 

Campagne: Aftellen tot het Pardon

Op 20 maart 2006 werd de aftrap gegeven van de landelijke campagne ‘Aftellen tot het Pardon’. In samenwerking met een aantal vluchtelingenorganisaties organiseerde het ASKV voor de vijfde maal de ‘Nacht van de Vervanging’.

 

Ditmaal waren bekende Nederlanders benaderd met het verzoek voor één nacht onderdak te geven aan vluchtelingen die al jaren in Nederland wonen.

Hieraan werd medewerking verleend door Ed van Thijn, Hanneke Groenteman, Nelly Frijda, Samira Abbos, Joris Linssen en vele anderen. Aan deze inspirerende avond en ochtend hebben veel media aandacht besteed. Vaak bleef het contact niet bij deze eenmalige ontmoeting: we zien dat de contacten voortleven.

Na de Nacht in maart zijn we op 17 juni afgereisd naar Friesland waar in samenwerking met de noodopvang Witmarsum een manifestatie is georganiseerd. Samen met de bewoners van de noodopvang en sympathisanten hebben we afgeteld tot de verkiezingen. De SP, GroenLinks en de Partij van de Arbeid benadrukten nogmaals waarom zij voorstanders zijn van een pardonregeling en verder werd de manifestatie ondersteund door diverse lokale popgroepen. Ook deze manifestatie werd in de verschillende media uitvoerig uitgelicht.

De val van het kabinet kwam voor ons als een verrassing. Het tijdspad van de campagne kwam onder druk te staan.

Besloten werd om op 14 september de Nacht van de Vervanging nogmaals te organiseren. Ditmaal wilden we lokale politici in contact brengen met de vluchtelingen die al lang in Nederland wonen, in de hoop dat zij zich mede hierdoor landelijk zullen gaan inspannen om deze groep op de politieke agenda te houden. Volgens Anne Graumans (PvdA) mag Amsterdam een voorbeeld nemen aan andere gemeenten: “Wageningen zet mensen niet op straat.” Ze wil pleiten voor meer steun aan organisaties die onderdak en hulp bieden.

In heel Nederland hebben ongeveer honderd raadsleden voor één nacht opvang geboden aan een vluchteling. Verschillende raadsleden kwamen in de daaropvolgende periode in actie. Moties werden opgesteld om het pardon een ononderhandelbaar punt te maken voor de PvdA. Op individuele basis werd steun verleend aan de verschillende vluchtelingen. D66 heeft het pardon in haar verkiezingsprogramma opgenomen.

Ter afsluiting van de aftelcampagne organiseren we op 4 november een grote manifestatie in Den Haag. Dit samen met alle organisaties, BN ’ers, vluchtelingen en particulieren die zich de afgelopen periode hebben ingespannen voor een regeling voor deze groep van 26.000 gezichten. De voorbereiding hiervan is op dit moment in volle gang. Wij hopen op een grote opkomst! Zie www.generaalpardonnu.nl en www.aftellentothetpardon.nl

 

 

Column: FRENK IS HET MEER DAN ZAT

DE ZOMERJURKJES waaiden weer op en

de terrassen zaten vol, maar ik weerstond

de verleiding, want er was werk aan de

winkel. In het stadhuis werd, voor de vierde keer alweer,

de Nacht van de Vervanging gehouden, om een generaal

pardon af te dwingen voorvluchtelingen die al langer dan

vijf jaar in Nederland verblijven. Een vrolijk onderwerp was het niet,

maar wat moet, dat moet. Zwijgen kan niet meer.

   Ik liep de Boekmanzaal binnen en daar zaten ze

weer, al die mensen uit al die landen waar moord,

marteling en verkrachting aan de orde van de dag

zijn. Sommigen wachten al tien jaar op de beslissing

van een minister die misschien toch niet zo

recht door zee is. De familie Atalay uit Turks Koerdistan bijvoorbeeld,

gevlucht voor de intimidatiesvan een hardvochtig regime. Of Azizi uit

Afghanistan, die zes jaar geleden de benen nam uit angst

voor de taliban. Of Zahra uit Irak, wier vader

merkwaardig genoeg wel een verblijfsvergunning

kreeg. Gewone mensen, in de kracht van hun leven,

murw geslagen door een overheid die weigert

fatsoenlijk haar werk te doen.

   Schuchter stelden ze zich voor aan de gemeenteraadsleden bij

wie ze de nacht zouden doorbrengen.

Alleen PvdA, GroenLinks, SP en D66 hadden

zich hiervoor aangemeld; de rest was kennelijk te

laf om te laten zien dat Amsterdam weet wat

barmhartigheid is. Het contingent Bekende

Nederlanders was verspreid over de twaalf gemeenten

die deze avond aan de actie meededen.

Alleen Ed van Thijn was er, natuurlijk, en Chris

Keulemans, Lydia Rood, Minka Nijhuis, Samira

Abbos en Jan Mulder.

Er hing een vermoeide stemming in de zaal. Weer

zagen we de filmpjes die de 26.000 vluchtelingen

een gezicht hebben gegeven. Weer luisterden we

naar de verhalen. En weer was er de schaamte.

Samira Abbos: “In wat voor land leven we eigenlijk?”

De woede ook. Jan Mulder: “Het is om te kotsen.”

En het onbegrip. Ed van Thijn: “Ik snap niet dat we

onschuldige kinderen in de gevangenis vasthouden.

Dat komt alleen in Nederland voor. Het is een

grof schandaal.”

SOMMIGEN WACHTEN AL

TIEN JAAR OP EEN BESLISSING

Dit zijn de cijfers: van de 26.000 gevallen waren in

juni dit jaar 19.800 dossiers verwerkt. Ruim achtduizend

asielzoekers kregen alsnog een verblijfsvergunning,

drieduizend mensen vertrokken vrijwillig,

duizend werden gedwongen het land uitgezet

en van 6400 mensen is het lot onbekend. Officieel

zijn ze ‘met onbekende bestemming’ vertrokken,

maar vermoedelijk zijn ze gewoon ondergedoken

in de illegaliteit – het woord alleen al. Die

leven dus op straat of wonen bij familie en vrienden

in, zonder uitzicht op wat dan ook. Werken en

studeren mogen ze niet of alleen stiekem, als ze

ziek zijn, durven ze niet naar de dokter en ze kunnen

het hoofd alleen boven water houden dankzij

een paar organisaties die zich hun lot hebben aangetrokken.

Azizi: “Ik kreeg een brief waarin stond

dat het in mijn land weer veilig is. Maar als dat zo

is, waarom stuurt Nederland dan bewapende militairen naar

Afghanistan? Ik ben altijd bang dat ik word opgepakt.”

   Overigens is het aantal van 26.000 achterhaald.

Er werden weer kinderen geboren, veel asielzoekers

begonnen een nieuwe procedure en een paar

duizend ama’s (alleenstaande minderjarige asielzoekers)

zijn de achttien gepasseerd en moeten

dus aan de groep worden toegevoegd. Minister

Verdonk spreekt nu van 32.000 dossiers; Vluchtelingenwerk

zelfs van 41.000.

   Met één simpele handtekening zou Rita Adequaat

een einde kunnen maken aan deze beschamende

vertoning. Nieuwe gevallen komen er niet bij, want het gaat

uitsluitend om mensen die onder de oude Vreemdelingenwet,

dus voor 1 april 2001,een verblijfsvergunning hebben aangevraagd.

De IND zou eindelijk weer eens aan zijn normale

werk toekomen, de rechtbanken kunnen worden

ontlast en we hoeven over een paar jaar geen miljoenenverslindende

welzijnsprojecten te beginnen om de illegalen in de grote steden uit de

criminaliteit en de prostitutie te halen.

   Het generaal pardon is geen hot item in de verkiezingscampagne,

maar PvdA, GroenLinks en SP hebben het wel in hun programma opgenomen.

Jan Mulder: “Ik zou toch maar links stemmen,

maar dan niet D66, want dan kom je van de regen

in de drup.”

   En kunnen we Verdonk niet een jaartje of veertig

de woestijn insturen?

 

FRENK DER NEDERLANDEN

(Parool 15-09-2006)

e-mail: frenk@parool.nl

 

 

Hulpverlening versus procedures

De afgelopen periode hebben een aantal van onze cliënten een verblijfsvergunning gekregen. Anderen hebben wel weer een procedure lopen, maar hebben hierop nog geen antwoord gekregen.

 

Een nieuwe procedure kan bijvoorbeeld een tweede asielprocedure zijn, op grond van nieuwe documenten of op grond van nieuw beleid van de Nederlandse overheid. Door beleidswijzigingen konden bijvoorbeeld een aantal van onze christelijke en onze homoseksuele Iraanse cliënten opnieuw opvang en leefgeld krijgen in een van de asielzoekerscentra.

 

Een andere mogelijkheid is de aanvraag in verband met het buiten schuld niet terug kunnen keren naar het land van herkomst. We hebben goede hoop dat een Palestijnse cliënt hiervoor in aanmerking zal komen, omdat noch de Palestijnse noch de Israëlische autoriteiten hem een reisdocument zullen geven om terug te keren naar de Westoever. Tot op heden weigert de IND antwoord te geven op de aanvraag van eind 2005. De advocaat had een rechtszaak aangespannen om een antwoord te krijgen, waarop de IND beloofde binnen zes weken antwoord te geven. De IND heeft deze termijn laten verlopen, nota bene met een nieuwe brief waarin staat dat de IND opnieuw zes maanden nodig heeft om een eerste antwoord op de aanvraag te geven. De advocaat zal hiertegen weer stappen ondernemen. Binnenkort komt de Palestijnse man niet meer in aanmerking voor financiële steun vanuit de gemeente Amsterdam, omdat vluchtelingen hierop maximaal een jaar aanspraak kunnen maken.

 

Veel cliënten hebben een procedure op medische gronden aangevraagd. Bijvoorbeeld een Afghaanse jonge man die behandeld wordt door een psychiater. De IND bestrijdt niet dat hij ziek is, maar schrijft in de afwijzing dat de vluchteling naar Afghanistan moet om aldaar toestemming te vragen om de aanvraag in Nederland in te dienen:

 

“(...) betrokkene in staat is om te reizen, zij het dat daarbij begeleiding door een psychiatrisch geschoolde medewerker noodzakelijk is. Tevens dient betrokkene gedurende de reis de beschikking te hebben over de hem voorgeschreven medicatie (…) Weliswaar zijn in Afghanistan niet voldoende adequate behandelmogelijkheden voorhanden, het achterwege blijven van behandeling zal niet leiden tot een medische noodsituatie op korte termijn (…) Het ligt op de weg van betrokkene [de vluchteling – red.] het vertrek uit Nederland en zijn reis naar Afghanistan te regelen en van de nodige waarborgen te voorzien waar het gaat om zijn (psychische) gezondheid (psychiatrische begeleiding; beschikbaarheid van medicatie).”

 

Ook in deze zaak heeft de IND de beslistermijnen laten verlopen, en heeft de vluchteling inmiddels geen recht meer op financiële steun van de gemeente. De advocaat heeft een klacht tegen de IND ingediend bij de Ombudsman.

 

Andere vluchtelingen zijn een procedure bij het Europese Hof gestart, omdat de Nederlandse regelgeving te weinig mogelijkheden geeft om de hogere rechter een zaak inhoudelijk te laten beoordelen, of om fouten die een advocaat heeft gemaakt te herstellen. De laatste mogelijkheid die vluchtelingen hebben is het schrijven van een ‘14-1’-brief, waarin ze aandacht vragen voor hun schrijnende omstandigheden. Een procedure die, hoe kan het ook anders, naar willekeur verloopt.

Het ASKV maakt zich ernstig zorgen over de wijzigingen die de Tweede Kamer aan wil brengen in de nieuwe vreemdelingenwet. In deze wijziging zou geregeld worden dat slechts op één grond verblijf aangevraagd mag worden in Nederland. Dat betekent dat er na een afgewezen asielverzoek geen mogelijkheid meer is om een aanvraag in te dienen op bijvoorbeeld medische gronden. Veel werk dat het ASKV nu doet zou dan niet meer mogelijk zijn. VluchtelingenWerk verwacht dat deze wijzigingen op zijn vroegst over anderhalf jaar zijn doorgevoerd.

 

 

Eet een hapje mee in het Vrouwen Eetcafé

Het ASKV organiseert sinds 2005 samen met de Steungroep Vrouwen Zonder Verblijfsvergunning maandelijks het Vrouwen Eetcafé: een avond voor vrouwen met en zonder verblijfsvergunning.

 

Het eetcafé bestaat nu een jaar en wij zijn bijzonder tevreden over hoe het zich in deze tijd heeft ontwikkeld. Elke maand komen er zeker veertig vrouwen en kinderen bijeen. Hiermee is het gezellig druk.

 

Elke bijeenkomst kookt een andere groep vrouwen en er zijn bijzondere gerechten uit diverse landen geserveerd. Na het eten wordt informatie uitgewisseld. De volgende onderwerpen zijn de revue gepasseerd: Nederlandse lessen in Amsterdam, activiteiten in buurtcentra en vakantieactiviteiten voor kinderen zonder papieren, (het recht op) medische zorg, kinderopvang en hoe kom ik aan eten? Een juridisch medewerkster vertelde over de mogelijkheid om kindsdeelbijstand aan te vragen (bijstand voor kinderen zonder verblijfsvergunning), Dokters van de Wereld introduceerden het medisch document (voor chronisch zieken en zwangere vrouwen zonder papieren), gemeenteraadsleden spraken over wat zij wel en niet kunnen doen voor deze groep vrouwen en Defence for Children en Samah informeerden over hun acties ‘Wij willen blijven’ en ‘Geen kind in de cel’. Tevens houden wij iedereen op de hoogte van onze eigen activiteiten. Er wordt naar de spreeksters uitgekeken en zelfs om aantekeningen gevraagd indien men niet aanwezig kan zijn.

Maar de avond biedt naast informatie ook een hoop ontspanning en plezier. Er worden contacten gelegd en onderling wordt veel informatie uitgewisseld. Boeken en kleding worden gebracht om weg te geven. En voor de kinderen worden speciale activiteiten en spelletjes georganiseerd.

 

Een gevolg is dat vrouwen zonder verblijfsvergunning zichtbaar worden en zich erkend voelen als onderdeel van de samenleving. Voor ‘legale’ vrouwen is het eetcafé een gezellig ontmoetingspunt, waar ze informatie krijgen over onze andere activiteiten (bijvoorbeeld het Nederlands Sociaal Forum) en over andere interessante bijeenkomsten.

 

Het Vrouwen Eetcafé is elke laatste zaterdag van de maand. De volgende bijeenkomsten zijn op 28 oktober en 25 november. Het eetcafé is in ‘de Peper’, het restaurant van de vroegere Filmacademie.

Overtoom 301 in Amsterdam

(tram 1 en 6, halte J. P. Heijestraat)

Vanaf 17.30 uur is de deur open en om 19.00 is er

vegetarisch eten. Vrouwen zonder verblijfsvergunning of zonder inkomen betalen niets, de anderen 5 euro. Na het eten volgt het informatieve deel van de avond.

Uiteraard zijn bezoeksters van harte welkom om iets te vertellen over acties die zij organiseren.

 

 

Meldpunt Asielzoekers met Psychische Problemen

Het project Meldpunt Asielzoekers met Psychische Problemen (MAPP) van het ASKV is begin 2006 van start gegaan en heeft een looptijd van maximaal drie jaar. Het ASKV werkt in dit project nauw samen met Pharos, Stichting Rechtsbijstand Asiel, Stichting Medisch Advies Kollektief, VluchtelingenWerk Nederland, De Bascule en De Geestgronden.  Het MAPP organiseert psychologische onderzoeken in de eerste fase van de asielprocedure. Hiermee wordt aangetoond dat aandacht voor de psychische toestand van de asielzoeker noodzakelijk is.

 

KAN WEL/NIET GEHOORD?

 

In het aanmeldcentrum stelt een door de IND ingehuurde arts in een medisch advies: ‘Deze asielzoeker kan worden gehoord over haar asielmotieven.’ Hij licht deze conclusie toe met: ‘Hoofdpijnen ten gevolge van gespannen nekspieren.’ De volgende dag organiseert het MAPP voor deze Irakese vrouw een psychologisch onderzoek door een gezondheidszorgpsychologe. Zij concludeert: ‘Er zijn aanwijzingen voor de aanwezigheid van posttraumatische stressklachten die het coherent herinneren van en spreken over gebeurtenissen in het land van herkomst kunnen belemmeren. Daarnaast is er sprake van een dermate imponerend onvermogen de concentratie en aandacht vast te houden, dat met een hoge mate van zekerheid gesteld kan worden dat een onderzoekend gesprek met deze vrouw per definitie zal leiden tot een niet volledig coherent en consistent verhaal.’

Hier is duidelijk iets aan de hand. Hoe kan het dat beide conclusies zo ver uit elkaar liggen? Wat zegt dit over de medische advisering in het aanmeldcentrum? Wat betekent dit voor de asielzoeker? En wat doet het MAPP precies?

 

‘Positieve overtuigingskracht’ in de 48-uursprocedure

 

In het aanmeldcentrum vindt binnen 48 werkuren de eerste selectie plaats van alle asielaanvragen.

De helft van de aanvragen wordt direct afgewezen. De rest wordt in langere procedures afgehandeld. Afwijzing betekent dat de vluchteling op straat wordt gezet met het verzoek om Nederland te verlaten. Op het aanmeldcentrum Schiphol volgt opsluiting in het Grenshospitium om uitgezet te worden, of om na maanden detentie alsnog met je spullen buiten de poort te worden gezet.

 

De AC-procedure is een geoliede machine waarin de Irakese vrouw vanuit een onvoorstelbare situatie en na een reis van vijf dagen verstopt in een vrachtauto terecht is gekomen. Er trekt een legio instanties aan haar voorbij. In een razendsnel proces trekt de vreemdelingenpolitie haar vingerafdrukken na, de koninklijke marechaussee onderzoekt haar documenten op echtheid en de IND neemt twee interviews af. In de tussentijd proberen VluchtelingenWerk Nederland en de rechtshulpverlening haar belangen zo goed mogelijk te behartigen.

 

De verklaringen die deze vrouw in de twee gehoren met de IND aflegt, zijn beslissend. Er wordt van haar verwacht dat ze aannemelijk maakt dat ze in het land van herkomst haar leven niet zeker is. Als zij geen documenten bij zich heeft die haar identiteit en vluchtverhaal bewijzen, dan moet van haar verklaringen ‘positieve overtuigingskracht’ uitgaan. Dat wil zeggen dat er geen tegenstrijdigheden, vaagheden of ongerijmde wendingen in haar verhaal mogen voorkomen. Eén ‘fout’ en het vluchtverhaal wordt als ongeloofwaardig bestempeld en dat betekent bijna altijd: afwijzing. Tijdens de gehoren stelt een onbekende achter een computer haar vragen en ze moet alles wat ze heeft meegemaakt vertellen. Maar dan ook alles. Ook de details van de moord op haar familieleden en de verkrachting die daarop volgde. En... ze moet haar verhaal direct consistent en coherent vertellen. Dit is welhaast een onmogelijke opgave. Zeker voor een vluchtelinge die als gevolg van traumatische ervaringen kampt met psychische klachten.

 

Medisch advies

 

Als de IND of de rechtshulpverlener vermoedt dat er sprake is van medische of psychische problemen, kan een arts gevraagd worden om een medisch advies. Het medisch advies wordt door de IND en de Rechtbank gezien als een deskundigenadvies.

 

Dit advies is beslissend, maar wordt in het advies wel rekening gehouden met de psychische toestand? Bij het eerdergenoemde voorbeeld heeft de IND aan de arts als indicatie gegeven: ‘mevrouw maakt een verwarde indruk’. Na een kort onderzoek vult de arts het standaardformulier in dat als medisch advies aan het IND-dossier wordt toegevoegd. De eerste vraag luidt: Is betrokkene in staat om gehoord te worden over zijn/haar asielmotieven? De arts kan ja of nee omcirkelen. Er volgen nog negen vragen, waaronder: ‘Kan betrokkene gelet op zijn/haar medische situatie worden vervoerd en in bewaring worden gesteld?’ Soms moet het ja/nee worden toegelicht. Op het formulier is hiervoor in totaal een ruimte van vijf regels vrijgemaakt. De criteria die de arts hanteert om te beoordelen of iemand gehoord kan worden, zijn onduidelijk. Ook of de arts weet wat er tijdens een gehoor van de asielzoeker verwacht wordt, is onduidelijk.

 

In de sociale wetenschappen is er veel onderzoek gedaan naar de invloed van traumatische gebeurtenissen en psychische klachten op het geheugen en op het vermogen om zich goed te kunnen concentreren. Deze literatuur is bij de IND misschien onbekend. Maar zelfs zonder deze wetenschappelijke kennis ligt het voor de hand dat een vluchteling uit oorlogsgebied na traumatische ervaringen niet zo volledig en consistent kan verklaren als de IND verwacht. Het is onduidelijk in hoeverre de arts de psychische toestand

meeweegt in zijn beoordeling of iemand gehoord kan worden. Hier zijn geen criteria voor. Wel zijn er vele voorbeelden die het ergste doen vermoeden.

Zoals de toelichting op de conclusie dat een Armeense vrouw gehoord kan worden: ‘Moeite met spreken bij herinneringen van de emotionele gebeurtenissen. Mw. de tijd geven om antwoorden te formuleren op de gestelde vragen.’ Een ander schrijnend voorbeeld: ‘Ze is erg aangedaan en aan het eind van haar krachten. Het lijkt me humaan gezien niet onverstandig haar voor eventuele uitzetting een week of zes opvang te verlenen om geestelijk aan te sterken.’ Ook deze vrouw kon volgens de arts gehoord worden over haar asielmotieven.

 

Als de ingehuurde arts stelt dat iemand gehoord kan worden, staat de IND niks in de weg om de procedure af te handelen. Signalen en argumenten van de rechtshulpverlening dat het niet goed gaat met de asielzoeker, hebben geen waarde in deze juridische procedure. Het medisch advies is niet zelden doorslaggevend in de eerste cruciale fase van de asielprocedure.

 

Het MAPP-onderzoek

Het MAPP organiseert in deze eerste fase van de asielprocedure psychologische onderzoeken. Als een medewerker van VWN of de rechshulpverlener opmerkt dat haar cliënt misschien moeite heeft om verklaringen af te leggen, wordt het Meldpunt ingeschakeld. Het Meldpunt organiseert dan zo snel mogelijk een onafhankelijk psychologisch onderzoek op het asielcentrum. Het onderzoek wordt uitgevoerd door ervaren gezondheidszorgpsychologen, klinisch psychologen en psychiaters. Zij zetten zich als vrijwilliger in voor het project. Veelal zijn ze gemotiveerd door de confrontatie met uitgeprocedeerde asielzoekers met psychiatrische klachten in hun beroepspraktijk. Alle psychologen en psychiaters worden door het MAPP getraind in het uitvoeren van dit specifieke onderzoek dat is vastgelegd in een onderzoeksprotocol. Dit protocol is speciaal voor dit onderzoek samengesteld. De vraag die in het onderzoek centraal staat, luidt:

Is er sprake van psychische problemen die interfereren met het vermogen om een coherent en consistent relaas te kunnen doen in het kader van de asielaanvraag?

De psychische toestand wordt vastgesteld en met psychologische testen en vragenlijsten wordt onderzocht of er sprake is van klachten die het doen van een helder verhaal in de weg kunnen staan. Dit zijn bijvoorbeeld klachten die samenhangen  met een posttraumatische stressstoornis, hevige angsten, depressie of concentratiestoornissen. Asielzoekers die in Ter Apel asiel aanvragen worden eerst doorgestuurd naar de Tijdelijke Noodvoorziening. Het is vooral in dit centrum waar de kansen liggen om het onderzoek op tijd te organiseren. Maar het is het MAPP ook gelukt om binnen de 48 werkuren in het aanmeldcentrum een psychologisch onderzoek te organiseren. Heel vaak worden door de onderzoekers ernstige klachten vastgesteld en is de conclusie dat de psychische toestand het afleggen van coherente verklaringen onmogelijk maakt. Als dit het geval is, dan wordt het psychologisch rapport van het MAPP zo vroeg mogelijk in de procedure ingebracht. Als dit voor het eerste interview plaatsvindt, stuurt de IND de asielzoeker tot nu toe door naar een opvangcentrum voor nader onderzoek naar de asielmotieven. In een aantal gevallen is psychiatrische behandeling gestart.

 

Dat de conclusies van het medisch advies en van het MAPP-rapport in het voorbeeld zo ver uit elkaar liggen is ernstig. Het lijkt erop dat de door de IND ingehuurde arts in zijn onderzoek geen rekening houdt met psychische klachten die interfereren met het vermogen om verklaringen af te leggen. Tegelijkertijd kan het medisch advies van doorslaggevend belang zijn in de asielprocedure. De conclusie van de arts ‘kan worden gehoord’, gevolgd door tegenstrijdige verklaringen in de gehoren, kan voor de IND reden genoeg zijn om iemand af te wijzen. Het project MAPP biedt de rechtshulpverlening de mogelijkheid om de psychische toestand te laten vaststellen door een onafhankelijke deskundige. De komende tijd zal het MAPP nog vele onderzoeken organiseren om aan te tonen dat aandacht voor de psychische toestand van de asielzoeker noodzakelijk is. Zodat de verantwoordelijken (IND en medische dienst) er echt niet meer omheen kunnen: bij de beoordeling van het asielverzoek moet rekening worden gehouden met de psychische toestand van de vluchteling.

 

 

Vreemdelingendetentie: “Ik ben het zo moe, ik ben het zo zat.”

In het villadorp Soesterberg aangekomen moet je nog flink doorstappen om van de bushalte op tijd bij het detentiecentrum te zijn. De hortensia’s en lariksen in de ruime voortuinen zijn losjes in vorm gesnoeid en de groenbakken staan aan de weg. Via een brug over de snelweg verlaat je de bebouwde kom. Militaire terreinen liggen hier verscholen achter de bekende naamloze vegetatie van berken en dennen die het noordelijk halfrond omspant. Je passeert een eenpersoonsbommenwerpertje op een sokkel, een koddig kamikazetoestelletje. En dan sta je bij de ingang van het detentiecentrum: een korte allee, hekken en slagbomen, de dubbele barak die als grenspost dienstdoet.

Daarachter toont zich de eigenlijke gevangenismuur in al zijn verschrikking. Het aanzicht ervan is zo raadselachtig en intimiderend, dat het even je adem doet stokken. Daarbinnen zitten de mensen tegen wie ons grondgebied beschermd moet worden.

 

Wachtend op de formaliteiten overzie je het terrein. Een rommelige vlakte met parkeerhavens, bewegwijzering voor draaien en keren, aan de kop van het gevangeniscomplex witte gebouwen. De enorme scheidsmuur zelf, zes meter hoog, is banaal en gewelddadig, als een kerncentrale, het onverzettelijke gezicht van de macht. Het grijze beton reflecteert niets van het leven rondom, het absorbeert elke prikkel, het maakt elke identiteit diffuus. Zelfs de tijd kruipt hier trager en wordt doelloos zonder eind. In z’n onverstoorbare functionaliteit heeft dit bouwwerk de ernst en kaalheid van een rechterlijk vonnis. Hard voor wie er zijn kop tegen slaat.

 

Terwijl aan de grenspost het inchecken van de bezoekers wordt afgehandeld, is er een strak gedirigeerd komen en gaan van witte justitiebusjes. Personentransport. Onmogelijk te zien wie zich achter de zwarte ruitjes bevindt. Het is om het even. De persoon van de passagier speelt hier geen rol, dat doen alleen het doel en de bestemming van het transport.

Misschien is deze vreemdeling gisteren gearresteerd, ingesloten door de lichaamswarmte van vastberaden agenten, uit zijn vertrouwde omgeving geplukt en van een politiecel ergens in het land overgebracht om het ongewisse verblijf in Zeist te beginnen.

Bij de vertrekkende busjes die koers zetten naar de snelweg denk je aan het transport naar een luchthaven, en je beseft opeens dat dit personenvervoer in directe verbinding staat met de kriskraslijnen in de lucht van het internationale vliegverkeer en zijn talloze bestemmingen.

De bewaker bij de grenspost steekt zijn hand op. ‘Tot straks’. Voor de passagier is de rit het begin van een tunnel die hem wel eens door de meest ingrijpende gebeurtenissen van zijn leven zou kunnen voeren. Met het opstijgen van het vliegtuig verdwijnt misschien voorgoed de veilige bodem onder zijn voeten.

Maar ach, wie weet gaat het busje deze keer lekkere kroketjes halen in het dorp.

Met je bezoekerspasje steek je het terrein over naar het toegangsgebouw, dat je via een opening in de muur en een kooi betreedt. Daar is je een blik vergund op een hoekje van het binnenterrein. Niets is daar: de binnenkant van de muur, betonnen bodemplaten. Wanneer eindelijk de meegebrachte spullen en cadeautjes zijn toegelaten of afgewezen en ervoor gezorgd is dat niets uit jouw handen in die van de gedetineerde zal raken, mag je met je medebezoekers naar de bezoekzaal. Die gaat op slot als iedereen binnen is.

Aan het andere eind van de zaal is de deur naar de afdelingen. Voor de draadglazen strook verdringen zich mensen die zich door de deurbewaarder nauwelijks tot kalmte laten manen. Pas als het personeel zich strategisch op de assen van de bezoekzaal heeft gepositioneerd, mag die deur open. Huppelend van blijdschap of zwaarmoedig bewegend verspreiden de mensen zich over de zaal. Ieder draagt een felgeel alarmvest met reflecterende strips, bij klopjacht vanuit een helikopter onmiddellijk te traceren.

Ik schrik ervan hoe de detentie zich in het lichaam van mijn cliënte heeft vastgezet. Tranen wellen op in haar ogen. Ze kan er niet meer over praten. Ze heeft alleen maar woorden voor dat ene: ‘Ik ben het zo moe, ik ben het zo zat.’

 

En dan is er bijna niets te zeggen. Ze zit al een half jaar gevangen. Vreemdelingendetentie kent geen termijnen.

Het denken van mijn cliënte draait vast in wanhoop. Hoe kan ik haar ten minste daaruit bevrijden? Vragen naar de kleine dingen van alledag? Ze heeft zich er aan de telefoon al zo vaak over uitgelaten. Wat doe je, wat eet je, heb je hier vrienden…?

We praten over dingen uit de vrije wereld. Hoe je rode palmolie maakt. Hoe je een dak vlecht met riet en maisloof. Hoe je fatsoenlijk met mensen omgaat. Over de mieren die tijdens de koffiepluk onder je kleren kruipen. Hoe je aan honing komt door een bijennest uit te roken. Ik probeer uit te leggen wat een circus is (wat geen beelden bij haar oproept), babbel over kleuteronderwijs, over Drentse plaggenhutten uit een voorbije tijd. Ze zucht.

 

Dag en nacht kwelt haar de vraag wat er van haar leven terecht moet komen. Geen woord wil ze nog kwijt over de gebeurtenissen die haar hebben doen vluchten, maar in haar nachtmerries dienen die zich elke nacht weer aan. Nu zit ze al maanden opgesloten als een misdadiger, en zo wordt ze ook behandeld. Je wordt in deze gevangenis dan wel niet geslagen, zegt ze, maar de vernederingen en vrijheidsbeperkingen zijn een geraffineerde vorm van marteling.

Kritiek uiten kan echter gevaarlijk zijn. Heimelijk wisselen de bewoners informatie uit over het personeel. Wie is er aardig en redelijk, bij wie moet je oppassen? Een conflict met de bewaking kan algauw tot een verblijf in de isoleercel leiden.

De dagen zijn eentonig, en het zijn er veel. Bij zomers weer is de hitte in de verblijven niet te harden. Voor alle dingen die het leven aangenaam maken gelden beperkingen. Mijn cliënte snakt naar een behoorlijke maaltijd. De kwaliteit van het dagelijkse magnetronvoedsel is belabberd. De prijzen van het beperkte aanbod in de gevangeniswinkel zijn exorbitant. Voor het transport van je bestelling naar de cel moet je betalen.

 

Sommige cliënten kunnen ons uit eigen ervaring vertellen over het verschil tussen vreemdelingendetentie en een reguliere strafgevangenis, waar veroordeelde wetsovertreders zijn opgesloten. Oké, je zit er wel meer uren op cel, maar je wordt er tenminste als mens behandeld. De bewaking is correct. Je wordt geïnformeerd over je rechten. Iedereen wordt met evenveel respect behandeld, of je nu zit voor diefstal of voor moord. De privileges zijn substantieel. Er zijn grote keukens waar je een paar keer per week kunt koken. Er is de plicht, maar dat is ook een recht, om te werken. Maar bovenal: je weet waarvoor je zit, je weet hoe lang de straf duurt, de afspraak is duidelijk. Strafdetentie is altijd gericht op terugkeer in de maatschappij. Nederlandse burgerrechten zijn leidraad voor het dagelijks gevangenisregime.

Bij vreemdelingendetentie zijn misdaad en veroordeling niet aan de orde. Toch is het gevangenisregime hard, en de duur van de detentie onbepaald. Een uitgeprocedeerde asielzoeker in vreemdelingenbewaring wordt veel slechter behandeld dan een moordenaar in een Nederlandse gevangenis. Dat is vernederend, kwaadaardig en mogelijk onderdeel van een uitgekiende xenofobische strategie. In veel gevallen zou het eerlijker zijn de gedetineerden ook als slachtoffer te zien: van mensenhandel, van een politiek bewind, van armoede, oorlog of geweld, of van een onbillijk asielbeleid. Maar het lijkt doelbewust beleid om het verblijf in vreemdelingendetentie zo onaangenaam mogelijk te maken.

Ook tussen de vreemdelingengevangenissen onderling is verschil. Zeist staat nog als enigszins gematigd bekend. Daar werken ook mensen met compassie voor de bewoners.

Berucht echter is de oude gevangenis van Roermond, die eerst was afgekeurd maar nu toch is opengesteld voor vreemdelingendetentie. Oorspronkelijk bedoeld voor bolletjesslikkers worden er nu ook uitgeprocedeerde asielzoekers gedetineerd. Die worden aan hetzelfde harde regime onderworpen, dat de directie kennelijk voor bolletjesslikkers op zijn plaats acht. Zelfs bezoekers melden dat ze zich in Roermond als verdachten behandeld voelen.

 

Een bijzonder naargeestig en onbeheersbaar aspect van vreemdelingendetentie is de onzichtbaarheid. Wat zich binnen de muren afspeelt onttrekt zich aan het oog van de samenleving en daarmee aan het oog van de wet. Dat kan leiden tot straffeloosheid en willekeur van het personeel. De gedetineerden zijn immers uitgeleverd aan het normbesef van degenen in wier macht ze zijn. Zo zijn er alom geluiden dat bewakers leden van hun eigen bevolkingsgroep bevoordelen, ten nadele van de anderen. Wie daar iets van zegt, kan het zwaar te verduren krijgen. De directie kiest gemakkelijk de kant van het personeel.

Onder aan de ladder van dit systeem staan de uitzetcentra. Wat daar gebeurt onttrekt zich aan elk zicht en daarmee zijn de bewoners zelf haast onzichtbaar geworden. Hun status is vluchtig. Hun band met Nederland en Europa is bijna doorgesneden. Wanneer de persoon er niet meer toe doet, alleen het dogma van zijn verwijdering en zijn non-existentie hier te lande, kan dat tot opmerkelijke excessen leiden. Houdt die beruchte ‘soberheid’ die de overheid voor de vreemdelingendetentie nastreeft dan soms ook in dat de universele mensenrechten er ‘sober’ moeten worden toegepast ? We hebben de laatste tijd al veel tekenen gezien die dit onmiskenbaar aantonen.

 

 

Leren zonder papieren

Sinds eind november 2005 is het Schoolfonds Leren zonder Papieren actief in Amsterdam. Het fonds vergoedt onderwijs en onderwijsgerelateerde kosten van leerplichtige kinderen zonder papieren die in Amsterdam naar school gaan. Door ongedocumenteerde kinderen financieel te ondersteunen bij het schoolgaan, hopen wij dat zij hun leerplicht daadwerkelijk kunnen nakomen en willen wij het recht op (gelijke kwaliteit van) onderwijs voor álle kinderen die in Amsterdam verblijven zo goed mogelijk realiseren.

 

Kinderen zonder verblijfsvergunning hebben net als alle andere kinderen in Nederland recht op onderwijs. Dit recht is vastgelegd in internationale wet- en regelgeving (waaronder artikel 28 van het Verdrag inzake de Rechten van het Kind). Sterker nog, zij vallen onder de werking van de Nederlandse leerplichtwet en zijn dus leerplichtig. De praktijk laat echter zien dat beide met voeten getreden worden. Niet alle leerplichtige jongeren zonder papieren gaan ook daadwerkelijk naar school.

 

Enerzijds is dit vanwege de onbekendheid van ouders met het bestaan van de leerplicht of uit angst voor registratie, de onbekendheid van mensen uit het onderwijsveld met de wet- en regelgeving omtrent deze groep jongeren en/of vanwege praktische problemen als het ontbreken van een sofinummer, verzekeringen en andere documenten. Anderzijds, omdat de ouders onvoldoende geld hebben om de schoolkosten te betalen en op grond van het ontbreken van een verblijfstitel niet in aanmerking komen voor tegemoetkoming in of vrijstelling van de studiekosten door de centrale overheid en geen beroep kunnen doen op gemeentelijke voorzieningen, waar andere jeugdigen in Nederland wel terecht kunnen. ¹

 

Dit is niet alleen van invloed op de onderwijsparticipatie van deze groep jongeren, maar hiermee is ook het recht op gelijke kwaliteit van het onderwijs niet gegarandeerd. Kinderen van ouders/verzorgers zonder papieren die wel naar school gaan zitten namelijk om bovengenoemde redenen vaak (lange tijd) zonder boeken en schoolmateriaal tussen hun klasgenoten en zijn veelal uitgesloten van buitenschoolse activiteiten als werkweken en schoolreisjes.

 

Deze financiële drempel maakt ook dat een aantal alleenstaande minderjarige asielzoekers (ama’s) die 18 jaar worden voortijdig hun opleiding afbreekt. Op grond van de Koppelingswet mogen jeugdigen tot 18 jaar aan een opleiding beginnen. Wanneer ze voor hun 18e zijn ingestroomd, hebben zij het recht deze opleiding vervolgens af te maken. Zij mogen dus wel de opleiding waaraan zij begonnen zijn afmaken, maar worden daarbij niet altijd meer financieel ondersteund door hun voogdijinstelling en verliezen tevens hun recht op financiële bijstand.

Sinds november hebben wij 29 kinderen daadwerkelijk financiële ondersteuning kunnen bieden bij het schoolgaan. Het gaat voornamelijk om kosten voor schoolboeken, schoolmateriaal (passer, geodriehoek, schriften, pennen, enzovoorts), gymkleding, schoolzwemmen en zwemkleding. Gelukkig is het lesgeld dit jaar afgeschaft. Daardoor zijn in het voorgezet onderwijs en in het beroepsonderwijs de schoolboeken de grootste kostenpost. Bij de basisscholen gaat het vooral om kosten voor schoolreisjes en andere activiteiten.

 

Ook voor het schooljaar 2006/2007 zal Leren zonder Papieren kinderen financieel blijven steunen in hun schoolkosten, zodat zij net als álle kinderen in Amsterdam gewoon naar school kunnen (blijven) gaan.

 

Leren zonder Papieren  is een samenwerkingsverband van het ASKV met o.a. Samah, Defence for Children, de Open Deur, het Kerkhuis, Steungroep Vrouwen Zonder Verblijfsvergunning en Migrante.

 

¹ Bommeljé, S. & Braat, K.C. (2002). Tussen recht en realiteit. Een oriënterende studie naar ‘illegale’ kinderen in het Nederlandse onderwijs. Amsterdam: Defence for Children International Nederland.

 

Boeken

 

Iran

Shervin Nekuee, De Perzische paradox

(non-fictie)

Ruim een kwarteeuw is de conservatieve islam in Iran aan de macht. De jeugd van tegenwoordig houdt zich echter vooral bezig met merkkleding, internet en satelliet-tv, is dol op Jen­nifer Lopez en verslaafd aan chatten. Dit land heeft – ironisch genoeg samen met de VS – de meeste webloggers in de wereld. Iran heeft in het Westen een slecht imago vanwege de haat­dragende taal van de founding father van de Islamitische Republiek, ayatollah Khomeini, en zijn opvolgers. Maar het is ook het land van wereldberoemde humanistische filmmakers als Makhmalbaf en Kiarostami en het land van de winnaar van de Nobelprijs voor de Vrede 2003 Shirin Ebadi. Wat is de verklaring voor deze januskop die Iran de wereld toont?”

 

Shervin Nekuee ziet zijn geboorteland Iran als een land met twee gezichten. Om dit paradoxale karakter te begrijpen keerde hij terug naar Iran. In 2004 en 2005 bracht hij zijn geboorteland – dat hij in 1987 illegaal ‘als smokkelwaar’ verliet – een drietal bezoeken. Hij verzamelde er ware levensverhalen die de basis vormden voor zijn boek. Ook putte hij uit zijn eigen herinneringen en levensverhaal. Het boek is ‘een zoektocht naar de emotie van een generatie en de mentaliteit van een volk’.

 

uitgever: De Arbeiderspers

prijs: € 18,95

224 pagina’s

ISBN 9029563753

 

 

Colombia

Lydia Rood, De ogen van de condor (jeugdroman)

 

“'Is de truck weg?' vroeg ik. 'Hebben ze die ook gestolen?'
Miguel draaide zich woedend om. 'Als dat alles was! Ze hebben mijn zus!'
Ik hapte naar adem. Lisbeth, onze Lisbeth, bij die moordenaars?
'Maar...' bracht ik uit.
'Hou je kop,' zei Miguel.
Ik zocht iets wat ik kon zeggen. Iets wat we konden dóén. 'We gaan haar zoeken!'
'Je bent niet goed bij je hoofd,' zei Miguel. Hij keek me woedend aan. 'Kan wel zijn,' zei ik. 'Maar we doen het toch.'”

 

Het dorp van Ramiro, in de bergen van Colombia, wordt overvallen door paramilitairen. De ouders van zijn vriend Miguel worden gedood en zijn zus Lisbeth, op wie Ramiro heimelijk verliefd is, wordt door de bende meegenomen. Ramiro haalt Miguel over om haar samen te gaan bevrijden. Een levensgevaarlijk plan. Voordat ze Lisbet terugzien, hebben ze meer verloren dan ze konden vermoeden. Zoals een thuis om naar terug te keren...

Lydia Rood reisde voor Stichting Vluchteling naar Colombia en praatte met jongeren van wie het leven door de burgeroorlog overhoop werd gegooid. Hun verhalen gaven haar inspiratie voor de jeugdroman De ogen van de condor, waarin de dilemma’s en de angst van de gewone mensen in Colombia inzichtelijk worden gemaakt.

 

uitgever: Leopold

prijs: € 13,95

206 pagina’s

ISBN 9025849849

 

 

Congo

Lieve Joris, Dans van de luipaard (non-fictie)

 

Tien jaar na haar veelgeprezen Terug naar Congo arriveert Lieve Joris opnieuw in Congo. Mobutu is net gevlucht, de kindsoldaten van Kabila zijn in de hoofdstad, de verwachtingen zijn hooggespannen. Maar het land dat zij binnenreist is leeggeroofd, de mensen voelen zich aan zichzelf overgeleverd, tribalisme en verdeeldheid tieren welig.

Een eeuw na Joseph Conrads Hart der duisternis is Congo nog steeds een moeilijk doordringbaar land. Lieve Joris heeft het aangedurfd dit gebied te bereizen op een hachelijk moment in zijn geschiedenis. Dans van de luipaard is een schrijnend portret van een uiteenvallende natie, maar tevens een hommage aan een volk dat de kunst van het overleven als geen ander volk in Afrika verstaat.

 

uitgever: Augustus

prijs: € 15,00

448 pagina’s

ISBN 9045700867

 

 

Nederlands asielbeleid

Frans-Willem Verbaas, Er is thans geen grond... Het Nederlands asielbeleid van binnenuit (informatief)

 

Nederland staat inmiddels in Europa bekend om zijn harde asielbeleid. Frans-Willem Verbaas was jarenlang rechtshulpverlener van asielzoekers en schrijft openhartig over zijn ervaringen met het asielbeleid. Hij haalt tal van schrijnende praktijkgevallen aan die illustratief zijn voor een decennium Nederlandse asielpolitiek. Verbaas schetst op een toegankelijke manier de ontwikkelingen van de afgelopen jaren, die tot kritiek hebben geleid van mensenrechtenorganisaties als Human Rights Watch en Amnesty International. Hij gaat in op de voortdurend weerklinkende roep om een ruimer generaal pardon voor asielzoekers die al jarenlang in Nederland de definitieve beslissing van hun procedure afwachten. Verbaas stelt de vraag of Nederland nog wel een veilig toevluchtsoord is voor vluchtelingen in nood.
Deskundigen lijken deze vraag steeds vaker ontkennend te beantwoorden. Er is thans geen grond... geeft een indringend en soms schokkend beeld van het Nederlandse asielbeleid.

 

uitgever: De Arbeiderspers

prijs: € 14,95

188 pagina’s

ISBN 9029563257

 

 

Strip

Suske en Wiske,

De vergeten vluchtelingen


Studio Vandersteen maakte op verzoek van Stichting Vluchteling de strip 'Suske en Wiske, De vergeten vluchtelingen'. In dit stripverhaal komen de helden tijdens een safaritocht in aanraking met de gevaarlijke 'Janjaweed' rebellen. Suske en Wiske proberen de mensen te helpen die voor deze schurken op de vlucht zijn.

 

Te koop bij stripwinkels in Nederland en België en via Stichting Vluchteling: 070 - 346 89 46.

 

Anoniem gedicht

maar ik ben geen vluchteling, want ik ben niet gevlucht

ik ben weggewaaid, als een blad aan een boom

er is in ons land een verschrikkelijke wind opgestoken

een wind vol vuur en verkrachting

en op een dag, op een dag die ik me niet meer herinner

die ik me niet meer durf te herinneren

ben ik weggewaaid

wie zou er uit zich zelf vluchten

wie zou er zonder afscheid te nemen

z’n eigen huis, z’n eigen dorp of stad, z’n eigen land

z’n eigen familie in de steek laten

en dan, ergens aankomen waar je niet welkom bent

vluchtelingen zijn nooit welkom

Nergens, dat weet iedereen

dat heeft de geschiedenis zo vaak bewezen

waarom zou je dan vluchten

waarom een langzame dood in een vreemd land

als je op de drempel van je eigen huis ook kunt sterven

vluchtelingen bestaan niet

er bestaan alleen weggewaaide mensen

mensen die door de wind over de wereld zijn geblazen

 

Maar ik ben geen vluchteling

Ik ben geen waaiend blad

Ik ben dit gedicht

 

Berichten in de Marge

 

De DIENST OPSLUITING  & UITSLUITING gaf op 7 oktober een demonstratie van de drijvende detentielocaties die Zaandam binnenkort kan verwelkomen.

Het publiek bleek tot nu toe slecht geïnformeerd te zijn geweest. Er heerste ook veel verwarring over de toekomstige “klanten” van de gevangenissen: zijn het nou vluchtelingen of misdadigers? Of zijn illegalen per definitie criminelen? En hoe kan het dan dat ondanks harde taal van wethouder Egberts (“Als er in Zaandam een uitzetcentrum komt, dan ben ik weg”) nu toch een gevangenis komt, waar ook uitgeprocedeerde asielzoekers opgesloten zullen worden?

Zie: www.allincluded.nl

 

Op huisbezoek

Als we uitgenodigd worden om te komen eten in een woning van ons opvangproject, worden we getrakteerd op een gastvrijheid die ongekend is in Nederland. We lachen en eten en praten. Opeens gaat het gesprek over de situatie in het land van herkomst en de redenen van verblijf hier. Een omschakeling die ons er aan herinnert dat we niet zomaar bij een paar mensen op bezoek zijn. 

 

Leila komt uit Iran. Ze is psycholoog. Om politieke redenen is ze vier en een halfjaar geleden gevlucht uit Iran en heeft hier asiel aangevraagd. Na een aantal omzwervingen, waarvan ook tien dagen letterlijk op straat, in Nederland, heeft ze uiteindelijk hulp gezocht bij het ASKV.

Nu woont ze in een van onze huizen samen met een aantal andere gevluchte vrouwen. Ze studeert hard op de Nederlandse taal en wil graag werken, maar dat mag niet zolang ze geen status heeft.

Haar procedure loopt nu bij het Hooggerechtshof in Straatsburg en Leila wacht en wacht. Ze kan niet terug naar Iran en zit hier in grote onzekerheid. Ze gebruikt zware antidepressiva omdat ze anders helemaal niet kan functioneren.

Omdat ze geen vast inkomen heeft is het onmogelijk om voor eigen huisvesting te zorgen en daarom is het nog altijd noodzakelijk dat het ASKV daarvoor zorgt.

 

Deze mensen vinden het gezellig dat we er zijn. En wij ook en we kunnen er allemaal van genieten, maar ondertussen realiseren wij ons dat het noodzakelijk is dat zij hier goed opgevangen worden en dat dat helemaal geen vanzelfsprekende zaak is.

 

 

IL/LEGAL PARTY

Op 22 juli vond de IL/LEGAL party plaats. Een initiatief van een groep vrienden. Elk jaar organiseren zij een feest waarvan de opbrengst naar een goed doel gaat. Dit keer was het ASKV aan de beurt.

Om naast het feest gebeuren ook de gasten te informeren over de positie van illegale vluchtelingen werd het thema IL/LEGAL bedacht.

Dit bestond eruit dat mensen bij binnenkomst of legaal of illegaal verklaard werden. De legalen mochten alles en kregen champagne. De illegalen daarentegen moesten eerst hun paspoort verdienen. Dit door vijf minuten plaats te nemen in een wachtkamer, te bidden voor Verdonk en een inburgeringexamen af te leggen. Mocht men hierin niet slagen dan bleef er niets anders over dan een huwelijk aan te gaan of een vals paspoort te kopen.

Al met al een spectaculaire, feestelijke en informatieve avond, die het ASKV naast een aantal donateurs een heel bedrag heeft opgeleverd.

Hartelijk dank aan de organisatoren.

 

 

Steun het werk van het ASKV/Steunpunt Vluchtelingen

 

Beste donateurs,

Bij dezen willen we alle donateurs van het ASKV bedanken voor hun financiële en materiële ondersteuning. Dankzij u kunnen we ons werk doen en vluchtelingen daadwerkelijk helpen. Door het toenemende werk lopen de kosten ook op. We kunnen nieuwe donateurs goed gebruiken. Dus hebben we een verzoek.

We vragen mensen onze donateurskaart te verspreiden. Als u hieraan wil mee werken kunt u contact opnemen met het secretariaat en deze kaarten aanvragen. Zij worden dan toegestuurd.

 

Cocktails drinken en het ASKV ondersteunen

Elke dinsdagavond vanaf 22.30 uur organiseert Vrankrijk, een alternatief café gelegen aan de Spuistraat 216 in Amsterdam, een cocktailbar. De opbrengst is bestemd voor onze cliënten. Kom eens langs en drink een cocktail.

 

Wie wil ons helpen vluchtelingen te helpen?

Wij zoeken op korte termijn flinke vrijwilligers die twee dagen per week ons team willen versterken met: hulpverlening, actievoeren, Nederlandse les, publiciteit en praktische zaken. Word je ook zo kwaad om het vluchtelingenbeleid in Nederland en Europa?

Neem dan snel contact op. Tot ziens.

 

Voor kleding en huisraad houden wij ons van harte aanbevolen.

Heeft u wat over, neemt u dan contact op met het secretariaat.

 

Word donateur of geef een gift

Het ASKV zet zich sinds 1987 in voor de belangen van afgewezen vluchtelingen. Dankzij de steun van donateurs kunnen we onze cliënten gedurende hun procedure ondersteunen met legeskosten,huisvesting en het hoogstnodige levensonderhoud. Tevens voeren wij actie om de situatie van vluchtelingen onder de aandacht te brengen.

Wat krijgt u ervoor terug?

U ontvangt periodiek onze nieuwsbrief Ruimte in de Marge waarin we verslag doen van onze werkzaamheden en over de situatie van vluchtelingen in Nederland.

Het ASKV is een erkende vrijwilligersorganisatie met fondswervende mogelijkheden. Daarmee is uw gift aftrekbaar van de belasting. U wordt op de hoogte gehouden van onze acties, manifestaties en bijeenkomsten

 

Voor meer informatie over het ASKV

Tel 020 6272408

e-mail askvsv@dds.nl

Zie ook www.askv.nl

Gironr. 7913334 tnv stichting ASKV in Amsterdam