Hij is in 1994 naar Nederland gekomen. Zijn vrouw kwam na in 2000. In Nederland hebben zij samen drie kinderen gekregen. Dit jaar wordt hij veertig en zij 29 jaar.
In 2002 moest het jonge gezin van de IND terugkeren naar Kosovo: telkens ontving zij bericht dat zij Nederland moest verlaten. In augustus 2003 hebben de gezinsleden – inmiddels vier in getal – hieraan gehoor gegeven. Gezien de onveilige situatie in hun thuisland en alle herinneringen aan wat zij daar hebben meegemaakt, was terugkeren naar Kosovo geen optie. Het gezin is naar Luxemburg gegaan, waar ze asiel heeft aangevraagd.
Na acht maanden zijn zij teruggekeerd naar Nederland en hebben hier opnieuw tevergeefs asiel aangevraagd. Zij was toen hoogzwanger van hun derde kind. Toen bleek dat het gezin buiten de pardonregeling viel, hebben alle leden een verzoek ingediend om als schrijnend geval aangemerkt te worden om zo een verblijfsvergunning te bemachtigen.
Hij spreekt vloeiend Nederlands en heeft veel contacten in de buurt en onder vrijwilligers. Daarnaast zoekt hij zijn broer en diens gezin vaak op en klust hij her en der. Met haar gaat het minder goed. Zij communiceert moeizaam, krijgt onvoldoende professionele begeleiding en komt alleen de deur uit om de kinderen naar school en naar de speelzaal te brengen.
Onlangs is bekend geworden dat de minister hun situatie niet schrijnend vindt en er geen verblijfsvergunning wordt verstrekt. Het gezin woont momenteel in een noodopvang in afwachting van een bezwaar. Vrijwilligers van de plaatselijke kerk, het Interkerkelijk Platform Kerk en Vluchteling en de gemeente zetten zich voor het gezin in. |